Panda

Geschreven door

in

Zo’n 450.000 jaar geleden werden wij als mens de wereld in gebracht – middels DNA technologie – door de Anunnaki. De missing link van Darwin is nooit gevonden: derhalve stamt de mens niet direct af van de primaten/apen. De mens is er opeens. Qua DNA sterk gelijkend op primaten, dat wel. Er is echter van alles aan toegevoegd. Dit toegevoegde of geactiveerde DNA komt van de Anunnaki zelf. We zijn gemaakt naar gelijkenis van onze scheppers. Nu ja scheppers? Deze Anunnaki, ancient astronauts, hebben ons niet gemaakt. Ze hebben ons gemanipuleerd. Dit is de interventie theorie die door veel wetenschappers steeds meer wordt aangehangen. De Sumerische beschaving beschrijft al 6.000 jaar geleden in detail over dit proces. Je zult er hier nog meer van te horen krijgen. Stap voor stap. Het is van belang aangezien we straks geconfronteerd gaan worden met buitenaardse beschavingen. Er zijn er oneindig veel. Anunnaki van de planeet Nibiru is er slechts eentje. Daarnaast verklaart het waarom de mens er aan toe is zoals ‘ie er aan toe is momenteel. Een volk van slaven. Een kleine elite met de macht. En zijn nog steeds aan de macht. Met hun hulpjes.

Toen de Anunnaki landden op Aarde liepen er homin-iden rond: vanuit natuurlijke evolutie waren primaten langzaam doorgegroeid naar onder andere Neanderthalers. Dat is ook mooi te volgen aan de hand van het fossielen bestand. Dan opeens verschijnen er zogenaamde homino-iden in beeld: de mens-achtigen. Ook hier weer geen missing links. Ze zijn er plotsklaps. Waar de Neanderthaler heel ver van de huidige mens afstaat, beginnen de homino-iden opeens heel sterk op ons te lijken qua bottenstructuur, schedel, oogkassen, motoriek. Je kent ze mogelijk uit talloos veel getuigenverklaringen over bijvoorbeeld de verschrikkelijke sneeuwman of Yeti in de Himalaya’s. Sasquatsch of Bigfoot in het Westen van Canada/Amerika. Deze verschijningen worden wereldwijd gemeld. Zij leven nog steeds op aarde. In die gebieden waar geen mens komt. Ze zijn heel goed aangepast aan hun eigen leefomstandigheden. Omstandigheden waar mensen niet kunnen overleven: hooggebergte, moeras, jungle. Ze kunnen wel in onze streken leven. Dat doen ze liever niet.

Er leven nog heel veel prehistorische en mythische exemplaren in het wild. Zie het werk van Michael Baigent – “Sporen uit de oude tijd”. In een vergelijkbaar gebied als waar Yeti en Bigfoot leven, leeft ook de panda – Bei-Shung (witte beer) genoemd door de Chinezen. De Panda was al vele duizenden jaren een mythische verschijning. Met recht mythisch: de lokale bevolking wist uitstekend de panda te omschrijven. Maar niemand had er ooit een gezien. Het Westen had ook nooit moeite gedaan een Panda daadwerkelijk te gaan zoeken in China. Een zwarte-witte beer die alleen bamboe eet en een beetje luiert. Dat kan geen lang leven zijn beschoren. De Bei-Shung werd door het Westen officieel tot uitgestorven verklaard. Hoe arrogant!
Pas in 1869 (!) werd tijdens een expeditie in de bossen van Sichuan door pater Armand David daadwerkelijk een panda ontdekt, gevangen genomen en ontvoerd. Het beest was zo gestresst dat het tijdens de lange bootreis stierf. Het sloeg zichzelf dood! Maar de Bei-Shung werd toch afgeleverd bij een museum in Parijs om tentoongesteld te worden.

Het sein was gegeven. Er was tenslotte nu dan toch fysiek bewijs dat die mythische Bei-Shung bestond. In 1910 hernoemde de Westerse media de Bei-Shung: grote Panda. Er werd echter geen exemplaar gevonden wat er toe leidde dat de Panda wederom tot uitgeroeid werd verklaard. Heel veel pogingen, expedities en gedoe later werd pas in 1929, dus 60 jaar (!) na de primeur van pater David, een volgend exemplaar gespot. Door de zonen van de latere Amerikaanse President Roosevelt. Ze schoten het exemplaar dood. Meteen. Het beest zou eens een bamboe stok naar je kunnen gooien! Levensgevaarlijk!

Slecht voorbeeld doet vaak volgen: er werden meer Panda’s omgelegd totdat er eindelijk in 1936 een exemplaar levend werd gevangen. Het arme beest overleed op weg naar Singapore. Een jaar later werd er dan toch een levend exemplaar afgeleverd in de dierentuin van Chicago.

Dit voorbeeld dient om te laten zien dat er meer dan 60 jaar intensief zoeken nodig was door tal van experts om het bestaan van een mythisch, verondersteld uitgeroeid dier, vast te kunnen stellen. Panda’s bewegen traag, zijn niet gecamoufleerd, leven overdag, zitten op een dieet en komen alleen voor in een redelijk, voor mensen, moeilijk te begaan gebied maar niet te moeilijk. Zet dit even af tegen de homino-iden die gesignaleerd zijn: dit zijn uiterst sterke creaturen, behoorlijk intelligent, leven met name ’s nachts in gebieden waar het voor mensen moeilijk overleven is. Ze zijn meesters in camouflage en in kennis van de enorm uitgestrekte terreinen waar ze wonen. Deze gebieden zijn voor de mens ondoordringbaar. Daarnaast zijn ze vrij schuw en blijven maar wat graag uit onze buurt.

De Roger Patterson film is wereldberoemd geworden. Behalve dan dat de meeste mensen het niet kennen. Je kunt het vinden op Youtube. Deze beelden zijn door tal van professionele filmmakers bekeken en werden tot authentiek verklaard. Als ik er naar kijk krijg ik het idee dat ik in de maling wordt genomen. Maar dat is dus klaarblijkelijk niet zo. In dit geheel past ook het waanzinnige relaas van Albert Ostman. Of het verhaal van de Minnesota Iceman van Frank Hansen. Gezien het feit dat we de helft van het landoppervlakte van Aarde niet eens kennen, is het logisch dat er naast deze voorbeelden, onzettend veel meldingen zijn van het zien van Yeti en Bigfoot over de hele wereld. Met name aan de rand van waar ons leefgebied eindigt, en dat van hen begint.

Het werk van Michael Baigent – en vele, vele anderen – liet ons al zien dat er ook tal van dinosaurussen te vinden zijn in deze onbewoonbare gebieden. Een stuk kleiner dan de formaten die we kennen uit Jurassic Park. De groten hebben de inslag van een meteoriet op aarde 65 miljoen jaar terug niet overleefd. Alle (zoog)dieren van meer dan 30 kg werden hierbij weggevaagd door de turbulente omstandigheden. De kleinere exemplaren hebben weten te overleven. En blijven ook graag uit de buurt van de Neanderthaler upgrade van de Anunnaki: de mens.

De mens schiet namelijk – net als zijn scheppers – alles graag kapot. Het is een wonder dat we nog een Bei-Shung hebben.   

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *